Info
| Level | Master |
|---|---|
| Language | Dutch |
| Duration | 3 years |
| Type | Full Time |
| Credits | 180 EC |
| Faculty | VUMC School of Medical Sciences |
Het masterprogramma bestaat uit drie masterjaren als onderwijseenheden. Je volgt een vaste volgorde en opbouw in het masterprogramma. Je start met een voorbereidend coschap (VCP) en daarna volg je het programma van de beschouwende en snijdende disciplines, interne geneeskunde en heelkunde in het eerste masterjaar, naar een reeks extramurale stages aan het einde van het tweede masterjaar. Het derde masterjaar is een profileringsjaar dat op verschillende manieren samengesteld kan worden. Het senior coschap (SECO) is een vast onderdeel, maar de wetenschappelijke stage en het keuzeonderwijs (masterjaar 3) kun je aan het begin van het eerste masterjaar of aan het einde van het derde masterjaar doen.
Op 5 momenten tijdens masterjaar 1 en masterjaar 2 volg je bij de start van het coschap Klinisch Trainings Onderwijs (KTO) van 2 of 3 weken; dat is in totaal 14 weken. De eerste 4 KTO's duren 3 weken en vinden plaats op een vaste locatie in een vaste groep in Amsterdam UMC of in één van de drie topklinische partnerziekenhuizen: het Spaarne Gasthuis Haarlem en Hoofddorp, de NoordWest Ziekenhuisgroep (NWZ) in Alkmaar en het OLVG in Amsterdam. De overige 2 KTO weken voorafgaand aan het coschap ouderengeneeskunde zijn in het Klinisch Trainingscentrum (KTC) locatie VUmc. Tijdens het KTO word je begeleid door vaste arts-docenten: de KTO docenten.
Tijdens de coschappen train je, begeleid door AIOS en stafleden, vaardigheden op de werkplek. Je loopt coschappen in Amsterdam UMC of een van de partnerinstellingen uit de onderwijsregio van de masteropleiding Geneeskunde VU. De reeks extramurale stages (huisartsgeneeskunde, ouderengeneeskunde en sociale geneeskunde) aan het einde van het tweede masterjaar vindt plaats op stageplekken zoals het verpleeghuis en de huisartsenpraktijk en binnen de sociaal geneeskundige praktijk.
Uitgangspunt in de opzet van het programma is dat er voldoende patiëntcontacten zijn, zodat je bekend raakt met de vraagstukken rondom gezondheid en ziekte zoals beschreven in het Raamplan Artsopleiding 2020. Inhoudelijk biedt het je de mogelijkheid voor langdurige verdieping in patiëntcasuïstiek en om patiënten longitudinaal te volgen. Je kunt daarnaast voldoende kennis en vaardigheden opdoen rondom chronische patiëntproblematiek.
Tijdens de masteropleiding Geneeskunde lopen de leerlijnprogramma's Medisch Expert (ME), Academische vorming (AV) en Professionele Ontwikkeling (PO) als een rode draden door alle jaren en coschappen heen. Hoewel de leerlijnprogramma’s zich richten op specifieke domeinen, vullen ze elkaar ook aan en komen samen in je ontwikkeling tot professional. Ze helpen je niet alleen om klinische competenties te ontwikkelen, maar ook om je als professionele en empathische arts te ontwikkelen. De competenties die horen bij de leerlijnprogramma’s komen geïntegreerd samen in de praktijk in de coschappen en in het onderwijs tijdens de KTO’s en symposia. De visie van het leerlijnprogramma Medisch Expert is gericht op je ontwikkeling tot basisarts op medisch inhoudelijk en praktisch gebied. Daarbij gaat het om het aanleren van een brede theoretische kennis- en praktische vaardighedenbasis. Het doel van het leerlijnprogramma Medisch Expert is dat je als basisarts niet alleen beschikt over diepgaande medische kennis, maar ook over de vaardigheden en attitude die nodig zijn om effectief en empathisch te kunnen functioneren in diverse medische contexten. Deze brede basis is essentieel om diverse zorgproblemen te begrijpen, te beredeneren en oplossingen te bieden. Je traint dit expliciet in o.a. het klinisch redeneren en het farmacotherapieonderwijs en past dit dagelijks toe in de coschappen.
De visie van het leerlijnprogramma Academische Vorming is gericht op het ontwikkelen van een kritische houding, het handelen op academisch verantwoorde wijze en het implementeren of uitvoeren van wetenschappelijk onderzoek binnen de geneeskunde. Je leert hoe je wetenschappelijke kennis kunt overdragen, presenteren en vertalen naar de klinische context. Daarnaast omvat Academische Vorming niet alleen de breedte van wetenschappelijk denken en academische vaardigheden, maar ook elementen van maatschappelijk handelen waaronder duurzaamheid en planetary health, gezondheidsbevordering, zorgtechnologie en het bijdragen aan doelmatige/ gepaste zorg. Dit is in de masteropleiding geborgd in bijvoorbeeld de essays, de verschillende CAT’s (Clinical Appraisal of a Topic) en referaten die je uitvoert tijdens de coschappen en de wetenschappelijke stage.
Het leerlijnprogramma Professionele Ontwikkeling richt zich op je ontwikkeling, zowel persoonlijk als professioneel, gedurende de geneeskundeopleiding. Het doel is om je aan te moedigen tot zelfsturend leren, persoonlijke groei en leiderschap, en om ook vaardigheden te ontwikkelen om met stress om te gaan en je welzijn te behouden. Een belangrijk aspect van Professionele Ontwikkeling is Professioneel Gedrag. Je krijgt hierop gedurende de gehele masteropleiding feedback en dit wordt ook meegenomen in evaluaties.
Tijdens de coschappen alsook in KTO, symposia en intervisie train je de door de arts benodigde competenties en krijg je gerichte en concrete feedback, zo mogelijk gebaseerd op directe observaties. Deze competenties zijn beschreven in het Raamplan Artsopleiding 2020 en je vindt ze ook terug in de toetshandleiding. In de loop van de opleiding neemt het niveau en de complexiteit toe en leer je kennis, vaardigheden en gedrag toe te passen in steeds complexere situaties.
In de masteropleiding komt basiskennis die je hebt opgedaan in de bacheloropleiding terug in relatie tot de praktijk en verdiep je deze basiskennis.
In de hele master vindt Programmatisch Toetsen plaats. Dat houdt in dat je alle ontvangen feedback in KTO’s en coschappen, tussen- en eindevaluaties en formatieve toetsen etc. in je digitale portfolio registreert. Op basis hiervan schrijf je een zelfevaluatie over wat er goed gaat en wat er voor jouw verdere ontwikkeling tot arts nog verbetering nodig heeft. Aan het eind van elk masterjaar is er een portfoliotoets en beslist de masterbeoordelingscommissie (MBC) of je voldoet aan de norm en voldoende voortgang toont. Bij een ‘voldaan’ krijg je 60 studiepunten toegekend voor het betreffende masterjaar. Om de masteropleiding met succes af te ronden moet je alle drie de masterjaren met een ‘voldaan’ afsluiten (180 studiepunten in totaal).
Info
| Level | Master |
|---|---|
| Language | Dutch |
| Duration | 3 years |
| Type | Full Time |
| Credits | 180 EC |
| Faculty | VUMC School of Medical Sciences |
Het masterprogramma bestaat uit drie masterjaren als onderwijseenheden. Je volgt een vaste volgorde en opbouw in het masterprogramma. Je start met een voorbereidend coschap (VCP) en daarna volg je het programma van de beschouwende en snijdende disciplines, interne geneeskunde en heelkunde in het eerste masterjaar, naar een reeks extramurale stages aan het einde van het tweede masterjaar. Het derde masterjaar is een profileringsjaar dat op verschillende manieren samengesteld kan worden. Het senior coschap (SECO) is een vast onderdeel, maar de wetenschappelijke stage en het keuzeonderwijs (masterjaar 3) kun je aan het begin van het eerste masterjaar of aan het einde van het derde masterjaar doen.
Op 5 momenten tijdens masterjaar 1 en masterjaar 2 volg je bij de start van het coschap Klinisch Trainings Onderwijs (KTO) van 2 of 3 weken; dat is in totaal 14 weken. De eerste 4 KTO's duren 3 weken en vinden plaats op een vaste locatie in een vaste groep in Amsterdam UMC of in één van de drie topklinische partnerziekenhuizen: het Spaarne Gasthuis Haarlem en Hoofddorp, de NoordWest Ziekenhuisgroep (NWZ) in Alkmaar en het OLVG in Amsterdam. De overige 2 KTO weken voorafgaand aan het coschap ouderengeneeskunde zijn in het Klinisch Trainingscentrum (KTC) locatie VUmc. Tijdens het KTO word je begeleid door vaste arts-docenten: de KTO docenten.
Tijdens de coschappen train je, begeleid door AIOS en stafleden, vaardigheden op de werkplek. Je loopt coschappen in Amsterdam UMC of een van de partnerinstellingen uit de onderwijsregio van de masteropleiding Geneeskunde VU. De reeks extramurale stages (huisartsgeneeskunde, ouderengeneeskunde en sociale geneeskunde) aan het einde van het tweede masterjaar vindt plaats op stageplekken zoals het verpleeghuis en de huisartsenpraktijk en binnen de sociaal geneeskundige praktijk.
Uitgangspunt in de opzet van het programma is dat er voldoende patiëntcontacten zijn, zodat je bekend raakt met de vraagstukken rondom gezondheid en ziekte zoals beschreven in het Raamplan Artsopleiding 2020. Inhoudelijk biedt het je de mogelijkheid voor langdurige verdieping in patiëntcasuïstiek en om patiënten longitudinaal te volgen. Je kunt daarnaast voldoende kennis en vaardigheden opdoen rondom chronische patiëntproblematiek.
Tijdens de masteropleiding Geneeskunde lopen de leerlijnprogramma's Medisch Expert (ME), Academische vorming (AV) en Professionele Ontwikkeling (PO) als een rode draden door alle jaren en coschappen heen. Hoewel de leerlijnprogramma’s zich richten op specifieke domeinen, vullen ze elkaar ook aan en komen samen in je ontwikkeling tot professional. Ze helpen je niet alleen om klinische competenties te ontwikkelen, maar ook om je als professionele en empathische arts te ontwikkelen. De competenties die horen bij de leerlijnprogramma’s komen geïntegreerd samen in de praktijk in de coschappen en in het onderwijs tijdens de KTO’s en symposia. De visie van het leerlijnprogramma Medisch Expert is gericht op je ontwikkeling tot basisarts op medisch inhoudelijk en praktisch gebied. Daarbij gaat het om het aanleren van een brede theoretische kennis- en praktische vaardighedenbasis. Het doel van het leerlijnprogramma Medisch Expert is dat je als basisarts niet alleen beschikt over diepgaande medische kennis, maar ook over de vaardigheden en attitude die nodig zijn om effectief en empathisch te kunnen functioneren in diverse medische contexten. Deze brede basis is essentieel om diverse zorgproblemen te begrijpen, te beredeneren en oplossingen te bieden. Je traint dit expliciet in o.a. het klinisch redeneren en het farmacotherapieonderwijs en past dit dagelijks toe in de coschappen.
De visie van het leerlijnprogramma Academische Vorming is gericht op het ontwikkelen van een kritische houding, het handelen op academisch verantwoorde wijze en het implementeren of uitvoeren van wetenschappelijk onderzoek binnen de geneeskunde. Je leert hoe je wetenschappelijke kennis kunt overdragen, presenteren en vertalen naar de klinische context. Daarnaast omvat Academische Vorming niet alleen de breedte van wetenschappelijk denken en academische vaardigheden, maar ook elementen van maatschappelijk handelen waaronder duurzaamheid en planetary health, gezondheidsbevordering, zorgtechnologie en het bijdragen aan doelmatige/ gepaste zorg. Dit is in de masteropleiding geborgd in bijvoorbeeld de essays, de verschillende CAT’s (Clinical Appraisal of a Topic) en referaten die je uitvoert tijdens de coschappen en de wetenschappelijke stage.
Het leerlijnprogramma Professionele Ontwikkeling richt zich op je ontwikkeling, zowel persoonlijk als professioneel, gedurende de geneeskundeopleiding. Het doel is om je aan te moedigen tot zelfsturend leren, persoonlijke groei en leiderschap, en om ook vaardigheden te ontwikkelen om met stress om te gaan en je welzijn te behouden. Een belangrijk aspect van Professionele Ontwikkeling is Professioneel Gedrag. Je krijgt hierop gedurende de gehele masteropleiding feedback en dit wordt ook meegenomen in evaluaties.
Tijdens de coschappen alsook in KTO, symposia en intervisie train je de door de arts benodigde competenties en krijg je gerichte en concrete feedback, zo mogelijk gebaseerd op directe observaties. Deze competenties zijn beschreven in het Raamplan Artsopleiding 2020 en je vindt ze ook terug in de toetshandleiding. In de loop van de opleiding neemt het niveau en de complexiteit toe en leer je kennis, vaardigheden en gedrag toe te passen in steeds complexere situaties.
In de masteropleiding komt basiskennis die je hebt opgedaan in de bacheloropleiding terug in relatie tot de praktijk en verdiep je deze basiskennis.
In de hele master vindt Programmatisch Toetsen plaats. Dat houdt in dat je alle ontvangen feedback in KTO’s en coschappen, tussen- en eindevaluaties en formatieve toetsen etc. in je digitale portfolio registreert. Op basis hiervan schrijf je een zelfevaluatie over wat er goed gaat en wat er voor jouw verdere ontwikkeling tot arts nog verbetering nodig heeft. Aan het eind van elk masterjaar is er een portfoliotoets en beslist de masterbeoordelingscommissie (MBC) of je voldoet aan de norm en voldoende voortgang toont. Bij een ‘voldaan’ krijg je 60 studiepunten toegekend voor het betreffende masterjaar. Om de masteropleiding met succes af te ronden moet je alle drie de masterjaren met een ‘voldaan’ afsluiten (180 studiepunten in totaal).
Info
| Level | Master |
|---|---|
| Language | Dutch |
| Duration | 3 years |
| Type | Full Time |
| Credits | 180 EC |
| Faculty | VUMC School of Medical Sciences |