Rechtsbescherming tegen de overheid

2018-2019

Doel vak

Na afloop van de cursus kan de student:
- aangeven welke rechtsregels op de diverse onderdelen van de
bestuursrechtelijke rechtsbescherming van toepassing zijn en deze regels
doeltreffend toepassen.
- aangeven wat de verhouding is tussen de civielrechtelijke en
bestuursrechtelijke beslechting van geschillen tussen rechtzoekenden en
overheid.
- op basis van een casus aangeven wat de procesrechtelijke mogelijkheden
zijn van een rechtzoekende en een bestuursorgaan.
- op basis van een casus aangeven op welke wijze een rechter in beroep
of in hoger beroep gebruik kan maken van de verschillende bevoegdheden
die de rechter ten dienste staan.

Inhoud vak

In dit vak kiezen we het perspectief van de burger die een geschil heeft
met de overheid. Op welke manier kan hij proberen dit geschil uit de
wereld te helpen? Welke belemmeringen en beperkingen zijn er?
Uiteraard zijn deze onderwerpen alleen te bestuderen als grondige kennis
is verworven van de belangrijkste kenmerken van het bestuursprocesrecht
en de toepassing in verschillende fasen: bezwaar, beroep en hoger
beroep. Daaraan wordt dus ruime aandacht geschonken.

Onderwijsvorm

Per week worden één hoorcollege en één werkgroep gegeven. Tijdens het
hoorcollege worden de hoofdlijnen van de voor die week te bestuderen
stof uiteengezet. Vervolgens maakt u ter voorbereiding van de
werkgroepen de opdrachten die op Canvas worden gepubliceerd. Deze
opdrachten zijn steeds gerelateerd aan een casus, die door de
samenstellers van de cursus is gebaseerd op een echte uitspraak. De
bedoeling is dat u deze uitspraak vindt in de voor studenten beschikbare
databases. Om dat te kunnen doen heeft u kennis nodig van het onderwerp
waarop de casus betrekking heeft. Deze kennis ontleent u aan het boek.
Vervolgens moet u die kennis vertalen in zoektermen. Net zoals in de
‘echte wereld’ zult u de juiste uitspraak niet altijd meteen kunnen
vinden. U moet dan uw zoektermen aanpassen, net zolang tot u de
uitspraak vindt die bruikbaar is om de casus op te lossen. Uiteindelijk
ontstaat een jurisprudentiebundel, die u mag meenemen naar het tentamen.

Toetsvorm

Schriftelijk tentamen (gesloten boek), met gebruikmaking van een door de
student zelf aangelegde jurisprudentieverzameling.

Vereiste voorkennis

Bestuursrecht

Literatuur

Onderwijseditie Bestuursrecht in de sociale rechtsstaat.
Rechtsbescherming. Overheidsaansprakelijkheid. Deel 2
Aanvullende literatuur wordt op Canvas ter beschikking gesteld.

Doelgroep

Behalve voor reguliere studenten staat het vak ook open voor:
bijvakstudenten en contractanten

Overige informatie

Het vak levert een bijdrage aan de volgende eindtermen van de
Bacheloropleiding Rechtsgeleerdheid (OER).

De afgestudeerde bachelor beschikt over een fundamenteel academisch
werk- en denkniveau;
1. heeft kennis van en inzicht in de kernleerstukken van de
hoofdonderdelen van het geldende recht (in het bijzonder het Nederlandse
privaatrecht, met inbegrip van het burgerlijk procesrecht, staatsrecht,
bestuursrecht, strafrecht met inbegrip van het bestuursprocesrecht,
strafrecht, met inbegrip van het strafprocesrecht, met inbegrip van de
doorwerking van Europees recht in deze rechtsgebieden, het
internationaal publiekrecht en (institutioneel) Europees recht), alsmede
de systematiek daarvan, met inbegrip van recente ontwikkelingen;
5. beseft dat het recht zich ontwikkelt en manifesteert in een
maatschappelijke context;

De afgestudeerde bachelor beschikt over de volgende (juridische)
vaardigheden:
Analytische vaardigheden
7. lezen, begrijpen en analyseren van juridische,
rechtswetenschappelijke en rechtstheoretische teksten en betogen,
waaronder jurisprudentie en wetgeving;
8. begrippen uit de deelgebieden van het recht analyseren, onderlinge
verbanden aanwijzen
10. reflecteren op de eigen maatschappelijke verantwoordelijkheid in de
maatschappelijke context waarin het recht functioneert;
11. in staat zijn om juridische argumentatiestructuren te analyseren en
op te zetten.

Probleemoplossende vaardigheden
12. selecteren van juridisch relevante feiten uit een feitencomplex;
13. selecteren van rechtsregels die bijdragen aan het oplossen van een
juridische casus;
14. oplossen van juridische casus, waaronder begrepen hanteren van een
systematische aanpak bij het toepassen van rechtsregels op concrete
gevallen.

Communicatieve vaardigheden
15. schriftelijk presenteren van een (juridisch) betoog in correct en
helder Nederlands;

Algemene informatie

Vakcode R_RBTO
Studiepunten 6 EC
Periode P1
Vakniveau 300
Onderwijstaal Nederlands
Faculteit Faculteit der Rechtsgeleerdheid
Vakcoördinator prof. mr. J. Struiksma
Examinator prof. mr. J. Struiksma
Docenten prof. dr. A.R. Neerhof
prof. mr. J. Struiksma

Praktische informatie

Voor dit vak moet je zelf intekenen.

Werkvormen Hoorcollege, Werkgroep
Doelgroepen

Dit vak is ook toegankelijk als: