Bachelorwerkgroep Bestuurs- en Organisatiewetenschap 4

2018-2019

Doel vak

Goede beheersing van de kwalitatieve en kwantitatieve basisanalyses die
nodig zijn om de Bachelor B&O te kunnen afronden. Na afloop van deze
cursus zijn studenten in staat om:

• De basisprincipes van ‘grounded theory’ methodologie te begrijpen en
af te zetten tegen andere methoden van kwalitatieve data analyse.
• Te begrijpen hoe grounded theory analyse wordt toegepast binnen de
Bestuurs- en Organisatiewetenschappen en dit zelf toe te passen.
• Descriptieve-, betrouwbaarheids-, factoranalyse en correlatieanalyse
toe te passen in SPSS, de resultaten te interpreteren.
• Mediatiemodellen en moderatiemodellen op te stellen, mediatie en
moderatie te toetsen in SPSS (binnen lineaire regressieanalyse), de
resultaten te interpreteren.
• Wetenschappelijke literatuur binnen de Bestuurs- en
Organisatiewetenschap die gebruikt maakt van de behandelde
analysetechnieken te begrijpen.

Inhoud vak

In BWG4 wordt het onderscheid tussen kwalitatieve-, en
kwantitatieve-methoden geïntroduceerd en uitgelegd (o.a. wanneer deze te
gebruiken) en wordt een aantal kwalitatieve en kwantitatieve
analysetechnieken behandeld die logisch volgen op onder andere de vakken
BWG1, BWG2, BWG3, Methodologie van Sociaalwetenschappelijk Onderzoek
(MTSWO) en Beschrijvende en Inferentiële Statistiek (BIS).
Binnen het vak BWG4 behandelen we zowel kwalitatieve als kwantitatieve
data-analyse. Vaak wordt er een verschil gemaakt tussen de kwalitatieve,
interpretatieve onderzoekstraditie (het begrijpen van een sociaal
fenomeen vanuit het perspectief en de context van de participanten in
het onderzoek) en de kwantitatieve, positivistische onderzoekstraditie
(het begrijpen van een sociaal fenomeen vanuit het perspectief van de
onderzoeker en wetenschappelijke theorie). Dit verschil betekent ook dat
kwalitatieve data-analyse vooral geschikt is voor de ontwikkeling van
nieuwe theorieën, terwijl kwantitatieve data-analyse vooral geschikt is
voor het testen van bestaande theorieën.
Binnen BWG4 behandelen we de ontwikkeling van theorie in het eerste,
kwalitatieve deel (periode 2, november-december) en het testen van
theorie in het tweede, kwantitatieve deel (periode 3, januari).
In het eerste deel van BWG4 wordt de analyse van kwalitatieve data
behandeld. De analyse van data is een cruciale en complexe fase binnen
kwalitatief onderzoek. En er zijn meerdere manieren om data te
analyseren. Binnen het brede scala aan benaderingen van kwalitatieve
data-analyse richten we ons op de zogenaamde ‘grounded theory method’,
een methode die erg geschikt is om theorie te ontwikkelen vanuit
kwalitatieve data. Onderzoekers die gebruik maken van de grounded theory
methode beginnen met tekstuele data (zoals interview transcripten,
notities van observaties en documenten). Vervolgens identificeert de
onderzoeker patronen (overeenkomsten en verschillen) in deze ‘ruwe data’
door middel van het labelen (coderen) van stukjes tekst. Door het
clusteren van verschillende beschrijvende codes ontstaan meer
verklarende codes, en zodoende ontwikkelt de onderzoeker theorie. Dit
proces van grounded theory data-analyse zal centraal staan.
Het tweede deel van BWG4 richt zich op kwantitatieve analysetechnieken.
Deze analysetechnieken – onder andere descriptieve analyses,
betrouwbaarheidsanalyse en factoranalyse, correlatie- en
regressieanalyse, en mediatie-analyse en moderatieanalyse (binnen het
lineaire regressiemodel) – zijn voor Bestuurs- en
Organisatiewetenschappers essentiële analysetechnieken die veelvuldig
gebruikt worden in relevante onderzoeksliteratuur. Specifiek richt de
cursus zich op het toetsen, rapporteren en interpreteren van eenvoudige,
lineaire modellen: regressiemodellen, mediatiemodellen en
moderatiemodellen. Tijdens de hoorcolleges worden de analysetechnieken
vanuit een theoretisch perspectief uitgelegd. Tijdens de
tutorialcolleges – waarbij studenten worden geacht een laptop met IBM
SPSS bij zich te hebben – wordt met behulp van SPSS geoefend met de
technieken die tijdens de hoorcolleges aan bod zijn gekomen. Eenmaal in
de week oefenen studenten zelfstandig met een digitale opdracht. In de
cursus wordt gebruik gemaakt van datasets die representatief zijn voor
onderzoek dat gedaan wordt binnen de bestuurs- en
organisatiewetenschappen, waaronder een dataset die onder de deelnemende
studenten wordt verzameld.

Onderwijsvorm

Hoorcollege, tutorialcollege, slidecasts, (digitale) opdrachten. Actieve
deelname aan de hoor- en tutorialcolleges, het bekijken van slidecasts
en het maken van de digitale opdrachten is wenselijk.

Toetsvorm

Digitale toetsing (Digitent).

Vereiste voorkennis

Studenten moeten hebben deelgenomen aan Beschrijvende en
inferentiële statistiek (S_BIS), en deze cursus idealiter hebben
gehaald.

Literatuur

Literatuur wordt bekendgemaakt in Canvas.

Doelgroep

Bachelorstudenten Bestuurs- en Organisatiewetenschap.

Overige informatie

Nodig is:
IBM SPSS (te bestellen bij Surfspot.nl).
Atlas ti.

Aanbevolen voorkennis

Studenten moeten hebben deelgenomen aan het vak Methodologie van
Sociaalwetenschappelijk Onderzoek (MTSWO) en deze cursus idealiter
hebben gehaald. Ook moeten zij in bezit zijn van de literatuur die voor
deze cursus en voor de cursus Beschrijvende en inferentiële statistiek
(BIS) gebruikt wordt.

Algemene informatie

Vakcode S_BWGBO4
Studiepunten 6 EC
Periode P1+2+3
Vakniveau 200
Onderwijstaal Nederlands
Faculteit Faculteit der Sociale Wetenschappen
Vakcoördinator dr. E.P. Sleebos
Examinator dr. E.P. Sleebos
Docenten dr. E.P. Sleebos
dr. M.J. Verver

Praktische informatie

Voor dit vak moet je zelf intekenen.

Werkvormen Deeltoets extra zaalcapaciteit, Hoorcollege