Sterven en dood in Boeddhisme

2019-2020

Doel vak

• Kennis van de belangrijkste vormen van het boeddhistische denken rond
sterven en dood en vertrouwdheid met het palet aan rituele diensten op
dat gebied.
• Kennis van de belangrijkste boeddhistische achtergronden van dat
denken, zoals geloof in karma, reïncarnatie, constituenten van de
conventionele persoon, de bestaansrijken, de mogelijkheid van verlossing
e.d.
• Kennis van de bredere ideeëngeschiedenis van het boeddhistische denken
over sterven en dood en van de daarin besloten liggende aannames en
culturele uitgangspunten.
• Inzicht in de rituele economie rond sterven en dood en meer in den
brede in het verband tussen doctrinaire en filosofische explicaties en
de achterliggende sociologische realiteiten.
• Vaardigheid in het uitwerken van cultuurhistorische en
cultuurfilosofische analyse maar ook cultuurvergelijkingen met
betrekking tot gebruiken en denken rond sterven en dood.
• Kritisch onderscheidingsvermogen in het toepassen van expertise uit
niet- of anders-moderne contexten in medische en therapeutische
contexten en in de geestelijke zorg.
• Selectief leren lezen in omvangrijk en divers primair & secundair
materiaal; bijv. het extraheren van relevante delen uit artikelen &
hoofdstukken die vanuit diverse perspectieven zijn geschreven en het
hanteren van het onderscheid tussen doctrinaire & narratieve primaire
bronnen en secundaire analyse & beschouwing daarop.
• Leren stellen van wetenschappelijke vragen en academisch schrijven &
spreken.

Inhoud vak

Bijna overal waar boeddhisme zich vestigt, verovert het voor zijn
monniken en rituele specialisten een aanzienlijke plaats in de oeroude
niche van dienstverlening rond sterven en dood; hoe komt dat eigenlijk?
Wat zijn de sociologische, economische en misschien ook speciale
doctrinaire achtergronden van deze match? Is er misschien een speciale
affiniteit tussen boeddhisme en dood & vergankelijkheid? Wat zegt dit
over de relatie tussen ontwikkelingen in religieuze doctrines en
praktijken enerzijds en de economie van rituele dienstverlening
anderzijds? Wat bepaalt de ontwikkeling van zulke toegepaste rituele
systemen en leersystemen eerst en vooral: zijn zij vooral wijsgerig en
ideologisch gedreven of zijn zij eerst en vooral vraag- en
‘markt’-gestuurd?

De collectieve boeddhistische expertise op dit gebied is stellig meer
dan indrukwekkend. Denk bijvoorbeeld maar aan de uitgebreide en vaak ook
zeer technische Tibetaanse literatuur rond sterven, dood en
tussenstaten. Het is inmiddels een kleine bibliotheek vol en dit
materiaal gaat dwars door alle Tibetaanse tradities heen en heeft diepe
sporen achtergelaten in hun belangrijkste leersystemen.
We kijken, meer in den brede, naar het palet aan expertise dat
boeddhistische tradities op het gebied van sterven, dood en funeraire
riten in de loop der tijd in verschillende regio’s ontwikkeld hebben.
Wat zijn daarbij de belangrijkste boeddhistische coping en marketing
strategieën?
Wat zijn de existentiële en culturele aannames die onder boeddhistische
rituelen en doctrines rond sterven en dood liggen, zoals: karma &
reïncarnatie; speculaties over tussenstaten; visualisatie van meerdere
rijken van wedergeboorte of van verheven of transcendente
bestaansrijken? Wat migreert er eigenlijk? Wat is de rol van karma,
ritueel, inzicht, meditatie, of geloof, bij het bepalen van een
wedergeboorte of bij het vinden van bevrijding daarvan? Als dit nog niet
genoeg vragen zijn, neem dan vooral uw eigen ongebreidelde
nieuwsgierigheid en vragen mee.

Het boeddhisme in zijn vele vormen is een breed en complex veld van
studie. We kunnen in een inleidend college uiteraard niet alle tradities
over sterven en dood even omvattend bespreken of uitputtend uitdiepen.
We zullen in de keuze van de leesstukken een begin maken met de studie
van verschillende aspecten van de omgang met sterven en dood bij
boeddhisten: sociologisch, doctrinair e.d. Er zal in dit college
relatief meer nadruk liggen op etnografische en cultureel
antropologische aspecten. We lezen daarnaast zoveel als mogelijk teksten
in vertaling.
We vragen ons bij dit alles vooral af: wat uit deze boeddhistische
expertise is inzetbaar in huidige hospice settingen en in de praktijk
van geestelijk verzorger, arts en verpleger? We proberen in dit college
weliswaar een beter begrip van de regionale en sektarische
verscheidenheid aan bestaande tradities te krijgen, maar mede met het
oog op de huidige relevantie: wat zit er nog aan boeddhistisch kapitaal,
verborgen in de 'dode' hoek van oud-eerwaarde en vergeten tradities.

Onderwijsvorm

Werkcollege en presentaties.

Toetsvorm

Wekelijkse samenvattingen; deelname aan discussie; presentaties; en
essay of betogend verslag (met voorbereidende schrijfopdracht): actieve
deelname 20% (o.a. minimaal 10 samenvattingen met kritische vragen
inleveren), referaat 20%, en paper 60%; bij 6 ECTS.

Literatuur

De literatuur zal via Canvas bekend worden gemaakt en zoveel mogelijk
door de docent via Dropbox worden verspreid.

Doelgroep

Hoofdvak- en keuzevakstudenten.

Overige informatie

Aanwezigheidsplicht: minimaal 80%.

Aanbevolen voorkennis

Complementair bij Meditatie en Psychologie, maar het volgen daarvan is
niet vereist. Algemene inleiding boeddhisme aanbevolen, maar kan via
handboek.

Algemene informatie

Vakcode G_BSTDOBO
Studiepunten 6 EC
Periode P5
Vakniveau 200
Onderwijstaal Nederlands
Faculteit Faculteit Religie en Theologie
Vakcoördinator dr. H.W.A. Blezer
Examinator dr. H.W.A. Blezer
Docenten

Praktische informatie

Voor dit vak moet je zelf intekenen.

Voor dit vak kun je last-minute intekenen.

Werkvormen Werkcollege
Doelgroepen

Dit vak is ook toegankelijk als: