Stage HHS

2019-2020

Doel vak

De student:
• heeft geoefend met alle werkzaamheden van een gemeentepredikant;
• heeft de pastorale, didactische, communicatieve, agogische
en homiletische competenties versterkt, waarin hij zich bij eerdere
modules in het praktisch-theologische curriculum op een basaal niveau
heeft bekwaamd. Dit blijkt uit de beoordeling van de stagebegeleider,
die bij de beoordeling gebruik maakt van het beoordelingsinstrument dat
is opgenomen in de stagehandleiding;
• is in staat om zelfstandig en kritisch te reflecteren op zijn
eigen persoon en functioneren in de diverse contexten van het werk in de
kerkelijke gemeente, zoals het pastoraat, de catechese, de prediking,
beleid en bestuur. Dit blijkt uit het reflexieve verslag dat de student
schrijft over de stage en uit het eindgesprek daarover met de docent;
• is in staat om op een constructieve en coöperatieve manier
samenwerken met andere werkers in gemeente en kerk. Dit blijkt uit de
beoordeling van de stagebegeleider;
• kan een reflexief verslag schrijven, waarbij met name de eigen
ervaringen, de eigen persoonlijkheid en het eigen functioneren in het
kader van de stage – mede aan de hand van de voorgeschreven literatuur –
geanalyseerd worden.

Inhoud vak

Gedurende stageperiode is de student intensief bij het predikantswerk in
de stagegemeente betrokken om zich nader te bekwamen in de pastorale,
didactische, homiletische en leidinggevende competenties die met het oog
op het predikantschap vereist zijn.

Onder leiding van de stagebegeleider verdiept de student zijn kennis van
de pastorale, catechetische, homiletische en beleidsmatige en spirituele
facetten van het predikantswerk. Naast deze generieke aandachtsgebieden
zijn de persoonlijke leerdoelen van de student, die in het intakegesprek
geformuleerd zijn, richtinggevend. Bij het vaststellen van deze
persoonlijke leerdoelen kunnen aan de psychologische screening uit het
eerste jaar belangrijke persoonlijke aandachtspunten ontleend worden.

De student schrijft een rapportage aan de hand van het format in de
stagehandleiding, inclusief een sterkte-zwakteanalyse. Daarbij wordt de
in de stagehandleiding genoemde literatuur gebruikt.

Onderwijsvorm

Beroep- of ambtgerelateerde leerstage.

Toetsvorm

De student schrijft een verslag van de stage. Voor de richtlijnen en de
bijbehorende beoordelingsmatrix wordt verwezen naar de stagehandleiding.
Het verslag dient door de begeleider van de stage
geaccordeerd te zijn. Aan de hand van dit verslag en de beoordeling van
de stagebegeleider vindt een eindgesprek plaats met de docent.

Literatuur

Corja Menken-Bekius en Henk van der Meulen, Reflecteren kun je leren.
Basisboek voor pastoraat en geestelijke verzorging, Kampen 2007.
Daarnaast kiest de student, in overleg met de docent, een ‘klassieker’
uit de pastoraal-theologische literatuur.

Doelgroep

Uitsluitend voor studenten van de predikantsmaster, richting Hersteld
Hervormd Seminarie.

Algemene informatie

Vakcode G_HHSSTAGSUP
Studiepunten 12 EC
Periode Ac. Jaar (sept)
Vakniveau 500
Onderwijstaal Nederlands
Faculteit Faculteit Religie en Theologie
Vakcoördinator dr. P.C. Hoek
Examinator
Docenten

Praktische informatie

Voor dit vak moet je zelf intekenen.

Doelgroepen

Dit vak is ook toegankelijk als: