Stage

2019-2020

Doel vak

De student gaat in de praktijk aan het werk om zijn persoonlijke
competentie, pastorale competentie, liturgische en hermeneutische
competenties (verder) te ontwikkelen en kan hierop systematisch te
reflecteren.
Onder leiding van een stagebegeleider leert de student deze competenties
toe te passen.
Aan het einde van de stageperiode is de student in staat zelfstandig en
methodisch werkzaam te zijn binnen het pastorale werk en het voorgaan in
(kerk)diensten en is hij zijn eigen ‘supervisor’.

Inhoud vak

De student oefent en verdiept zich verder in de praktijk van de
pastorale begeleiding en het voorgaan in (kerk)diensten.

Voorafgaand aan de stageperiode schrijft de student een stage-leerplan
en formuleert daarin specifieke leerdoelen die zich richten op het
persoonlijk functioneren, het functioneren als professional en de
context van de organisatie/ gemeente waarbinnen de student stage loopt.
Op basis van dit leerplan worden concrete afspraken gemaakt met de
stagebegeleider ter plekke.

Onderwijsvorm

De student houdt een logboek bij van zijn stage-ervaringen.
In afstemming met de stagebegeleider worden de uren bepaald per week en
afspraken gemaakt bij welke activiteiten de student aanwezig is, dan wel
een bijdrage levert.
De student schrijft reflecties op zijn stage-ervaringen.
In de stageperiode wordt een supervisietraject gevolgd van minimaal 10
en maximaal 15 supervisiebijeenkomsten (een uur per sessie). Hiervoor
levert de student werkinbreng en schrijft hij reflectieverslagen
(gemiddeld 2 uur per sessie voorbereiding/ evaluatie).
Er vindt een tussen- en een eindevaluatie plaats met de stagedocent.
De eindevaluatie vindt plaats op basis van het eindverslag van de stage.

Toetsvorm

Bij de tussen- en eindevaluatie wordt een (standaard)
beoordelingsformulier besproken met student en stagebegeleider.

De toetsing vindt plaats op basis van de observaties van de
stagebegeleider en de stagedocent en de verslaglegging van de stage
(logboek, reflectieverslagen, eindverslag).
Hiervoor wordt een standaard eindbeoordelingsformulier gebruikt.

Literatuur

Zo nodig op aangeven van de docent.

Algemene informatie

Vakcode G_SEMINT2
Studiepunten 12 EC
Periode Ac. Jaar (sept)
Vakniveau 500
Onderwijstaal Nederlands
Faculteit Faculteit Religie en Theologie
Vakcoördinator drs. W. Huizing
Examinator drs. W. Huizing
Docenten

Praktische informatie

Voor dit vak moet je zelf intekenen.

Doelgroepen

Dit vak is ook toegankelijk als: