Literaire receptie klassieke verhalen

2019-2020

Doel vak

Kennismaken met een aantal beroemde klassieke mythen en verhalen, met
actualiseringen daarvan door de eeuwen heen in de West-Europese
literatuur en met de manier waarop je deze receptie en de intertekstuele
relaties die daardoor ontstaan, kunt bestuderen.
Opzetten en uitvoeren van een klein onderzoek en daarvan mondeling en
schriftelijk verslag uitbrengen.

Inhoud vak

Uitgangspunt van dit onderdeel is een klein corpus van klassieke
mythologische verhalen, zoals het lot van Andromache na de val van
Troje, de zwerftochten van Odysseus en de rol van Penelope, de liefde
tussen Orpheus en Eurydice, de razernij van Medea en het
verhaal van Oidipous en zijn familie. We lezen hoe schrijvers als
Homeros, Ovidius, Vergilius, Aischylos, Sophokles en Euripides deze
verhalen vertellen en gaan daarbij in op de filosofische, ethische,
politieke
en religieuze kwesties die zij in hun werk aankaarten. Vervolgens kijken
we hoe schrijvers als Racine, Atwood, Sartre, Mulisch, Van der Heijden,
Lanoye en Hermans met dit gedachtegoed omgaan en het gebruiken om hun
eigen visie op genoemde (en andere) kwesties weer te geven.

Onderwijsvorm

Hoorcolleges (2 uur per week) en werkcolleges (2x2 uur per week). In de
hoorcolleges geeft de docent een theoretische inleiding over receptie en
intertekstualiteit en inleidingen op de mythen en de te bestuderen
auteurs, met tevens aandacht voor de receptie van de verhalen in de
beeldende kunst. Tijdens de werkcolleges wordt de secundaire literatuur
besproken en worden voorbeeldcasussen uitgewerkt. Daarbij wordt van de
studenten een actieve inbreng verwacht. Daarnaast bereiden ze een
presentatie voor over een of twee 'receptieteksten' (afhankelijk van de
omvang), waarover ook het afsluitend werkstuk zal gaan.

Toetsvorm

Verplichte aanwezigheid (80% van de colleges) en actieve participatie,
blijkend uit inbreng tijdens de discussie over de voorbeeldcasussen. Wie
te vaak afwezig is geweest, maar daarvoor een gegronde reden had, krijgt
een vervangende opdracht.
Mondelinge presentatie met PowerPoint (30%); schriftelijk werkstuk als
uitwerking van deze presentatie (70%). De eisen waaraan presentatie en
werkstuk moeten voldoen, staan vermeld in de studiehandleiding. Voor
beide onderdelen is het minimumcijfer een 5.0, die gecompenseerd moet
worden door een 6.0 of hoger voor het andere onderdeel.

Literatuur

Wordt voor aanvang van het college bekend gemaakt in de
studiehandleiding op Canvas.

Doelgroep

2e jaars studenten Bachelor Literatuur en Samenleving: Nederlands

Overige informatie

Deze module is een verplicht vak in het tweede jaar en geldt als
voorkenniseis voor de 3e jaars specialisatiemodules.

Algemene informatie

Vakcode L_AABAALG202
Studiepunten 6 EC
Periode P5
Vakniveau 200
Onderwijstaal Nederlands
Faculteit Faculteit der Geesteswetenschappen
Vakcoördinator dr. M.J.E. van Tooren
Examinator dr. M.J.E. van Tooren
Docenten dr. M.J.E. van Tooren

Praktische informatie

Voor dit vak moet je zelf intekenen.

Voor dit vak kun je last-minute intekenen.

Werkvormen Werkcollege, Hoorcollege, Practicum
Doelgroepen

Dit vak is ook toegankelijk als: