Vormen en functies van verhalen

2019-2020

Doel vak

Kennismaken met het denken over vormen en functies van verhalen en met
theoretische benaderingen om deze vormen en functies te bestuderen.
Leren bespreken, plaatsen en waarderen van secundaire literatuur over
vormen en functies van verhalen.
Kennismaken met enkele specifieke vormen van verhalen (in hun
historische ontwikkeling) en het leren toepassen van methoden om deze te
analyseren.
Kennismaken met de theorie over verhalen en hun functies in
verschillende media (vooruitlopend op het onderdeel Verhalen in beeld in
periode 5).

Inhoud vak

Verhalen vormen een van de belangrijkste onderwerpen van de
literatuurwetenschap. De theorie van vertellen en verhalen, de
narratologie, is nog steeds een centrale literatuurwetenschappelijke
theorie. In het eerste jaar hebben de studenten daarmee kennis gemaakt.
Het betrof vooral de analyse van de vorm van verhalen; in dit onderdeel
koppelen we die vorm aan de functie van verhalen. Die functie kun je op
verschillende
manieren bestuderen: theoretisch, interpretatief, historisch en
empirisch. We besteden aandacht aan de specifieke vorm en functie van
narratieve teksten. Waarin onderscheidt een verhaal zich van een
argumentatieve tekst? Wat is kenmerkend voor een literair verhaal? Hoe
onderscheidt zich dat van verhalen in bijvoorbeeld de Bijbel of de
rechtspraak? Hebben verhalen specifieke functies, denk aan identificatie
en empathie, die niet-verhalende teksten missen? Ook zijn er in de
literatuur verhalende genres met een specifieke functie ontstaan zoals
requiemliteratuur en fantasy. In dit college verkennen we het denken
over de vormen en functies van verhalende teksten in en buiten de
literatuur.

Onderwijsvorm

Hoorcollege, werkcollege en practicum (3 x 2 uur per week).

Toetsvorm

Verplichte aanwezigheid (minimaal 80% van de colleges). Wie te vaak
afwezig is geweest, maar daarvoor een gegronde reden had, moet over de
gemiste colleges een uitgebreidere opdracht voor het portfolio maken.
Schriftelijk tentamen (70% van het eindcijfer).
Actieve bijdrage aan werkcolleges en practica resulterend in een
portfolio (30% van het eindcijfer).
Laagst toegestane cijfer voor een onderdeel is een 5,0, te compenseren
tot een voldoende (minimaal 5,5) op basis van het gewogen gemiddelde van
beide onderdelen.

Vereiste voorkennis

Het eerstejaars vak Literatuurwetenschap.

Literatuur

Elke week komen een primaire tekst en enkele artikelen aan de orde. De
precieze opgave daarvan staat in de studiehandleiding op Canvas.

Doelgroep

2e jaars bachelor Literatuur en samenleving: Nederlands.

Overige informatie

Deze module is een verplicht vak in het tweede jaar en geldt als
voorkenniseis voor de 3e jaars modules van de specialisatie.

Algemene informatie

Vakcode L_ALBALES202
Studiepunten 6 EC
Periode P2
Vakniveau 200
Onderwijstaal Nederlands
Faculteit Faculteit der Geesteswetenschappen
Vakcoördinator dr. M.J.E. van Tooren
Examinator dr. M.J.E. van Tooren
Docenten dr. M.J.E. van Tooren

Praktische informatie

Voor dit vak moet je zelf intekenen.

Voor dit vak kun je last-minute intekenen.

Werkvormen Werkcollege, Hoorcollege, Practicum
Doelgroepen

Dit vak is ook toegankelijk als: