Coschap verloskunde & gynaecologie en kindergeneeskunde

2019-2020

Doel vak

Het doel is dat de voor het coschap gestelde eindtermen worden behaald
door training in de praktijk.

Inhoud vak

Het coschap start met 3 weken Klinisch Trainings Onderwijs (KTO), waarin
expliciet tijd en aandacht is voor klinisch redeneren op basis van een
aantal klinische condities en bijbehorende ziektebeelden en voor het
aanleren van discipline specifieke vaardigheden. In de laatste week van
het KTO maak je een formatieve entreetoets en ontvang je een KTO
stagebeoordeling. Het cijfer van verloskunde & gynaecologie tesamen met
het cijfer voor KTO kindergeneeskunde vormt 1 cijfer
De resultaten hiervan gebruik je voor het opstellen van leerdoelen voor
het coschap.
Het coschap verloskunde & gynaecologie is een stage met onderdelen
verloskunde, gynaecologie en/of voortplantingsgeneeskunde. Je werkt
onder supervisie zowel op de polikliniek, als op de verloskunde
afdeling, inclusief verloskamer en operatiekamer en je doet ook ervaring
op in avond- en/of weekend – en/of nachtdiensten. Werkzaamheden omvatten
de statusvoering, formuleren van een probleemlijst, aanvullende
diagnostie, de interpretatie daarvan en het afspreken van het vervolg
als ook reflectie op medisch inhoudelijk vlak en eigen handelen.
Vaardigheden die beoordeeld worden zijn bijv. het uitwendig onderzoek
van de zwangere, beoordeling van kraamvrouwen en het speculumonderzoek
bij gynaecologie of voorplantingsgeneeskunde.
Het coschap kindergeneeskunde bestaat uit leren in de kliniek op de
afdelingen kindergeneeskunde en neonatologie, op de kraamafdeling, op de
polikliniek en op de spoedeisende hulp; allen onder supervisie van A(N)
IOS en stafleden.
Het vervullen van avonddiensten en weekenddiensten behoort ook tot het
takenpakket van de coassistent. De student is intensief betrokken bij de
patiëntenzorg en wordt beoordeeld aan de hand van toetsing van
lichamelijk onderzoek, anamnese, beleid en behandelplan, overdracht,
klinisch redeneren, kennis en professioneel gedrag.
Tijdens het coschap presenteer je een CAT of referaat voor je collega
coassistenten. Je vraagt actief om feedback die je verzamelt in je
digitaal portfolio. In beide disciplines zie je een mix van acute en
chronische patiënten.
Kennis van de klinische condities verloskunde & gynaecologie en
kindergeneeskunde, vaardigheden en professioneel gedrag worden
geïntegreerd toegepast en beoordeeld op het basisartsniveau.

Onderwijsvorm

Werkcollege, practicum, training, stage.

Toetsvorm

De onderdelen verloskunde & gynaecologie en kindergeneeskunde worden
afzonderlijk beide getoetst met een stagebeoordeling (STB).
De stagebeoordeling valt uiteen in twee onderdelen:
1. Mondeling examen klinisch redeneren
2. Functioneren op de werkplek (inclusief professioneel gedrag)
Het cijfer kan variëren van 1-10. De studiepunten worden toegekend
indien de toetsen behorend bij
dit onderdeel met een voldoende zijn afgesloten.

Literatuur

Zie kernboekenlijst

Overige informatie

3 weken KTO, 6 weken coschap verloskunde & gynaecologie, 6 weken coschap
kindergeneeskunde. Totaal 15 weken.

Coördinator/examinator kindergeneeskunde: Mw. dr. S.A. Prins,
kinderarts-neonatoloog
Coördinator/examinator: verloskunde en gynaecologie: Dhr. drs. J.W.M.
Spruijt,gynaecoloog

Toelichting Canvas

Voor de canvas course van dit vak, kun je jezelf inschrijven.

Algemene informatie

Vakcode M_MCVGK15
Studiepunten 21 EC
Periode Ac. Jaar (sept)
Vakniveau 500
Onderwijstaal Nederlands
Faculteit VUmc
Vakcoördinator
Examinator
Docenten

Praktische informatie

Voor dit vak kun je niet zelf intekenen; het onderwijsbureau van jouw faculteit tekent je in.

Werkvormen Werkcollege, Training, Overig, Zelf Studie, Practicum