Aanbestedingsrecht

2019-2020

Doel vak

Studenten die dit vak met succes hebben afgerond, kunnen (1) de bronnen
van het Europees en nationaal aanbestedingsrecht opsommen, herkennen,
toelichten en hanteren; (2) antwoord geven op de vraag of een
overheidsinstantie verplicht is een bepaalde opdracht aan te besteden;
(3) antwoord geven op de vraag welke aanbestedingsprocedure de
overheidsinstantie in dat geval mag hanteren; (4) antwoord geven op de
vraag hoe die procedure moet worden voorbereid, ingericht en
afgewikkeld; (5) antwoord geven op de vraag of – en zo ja, welke? –
rechtsmiddelen een onderneming kan instellen in het geval een
aanbesteder zijn aanbestedingsrechtelijke verplichtingen (beweerdelijk)
niet naleeft.
Eindtermen: 1,2,4,5,7,8,9,10,15 en 16.

Inhoud vak

De thema’s die in het vak aan bod komen, zijn: (1) Inleiding en bronnen
van aanbestedingsrecht; (2) Wie zijn tot aanbesteden verplicht?; (3)
Welke 'overeenkomsten' moeten worden aanbesteed?; (4)
Opdrachtspecificaties; (5) Uitsluitingsgronden; kwalitatieve
geschiktheidseisen en (nadere) selectiecriteria; (6) Gunningscriteria en
mededeling van de gunningsbeslissing; en (7) Rechtsbescherming.

Onderwijsvorm

Het vak Aanbestedingsrecht wordt gedoceerd gedurende 7 weken door middel
van gecombineerde hoor/werkcolleges die elk 3 college-uren duren. De
inhoudelijke thema’s die in die weken centraal staan, zijn hiervoor
genoemd onder Inhoud.
De hoor/werkcolleges starten telkens met een hoorcollege dat circa 2
college-uren duurt. De bedoeling van het hoorcollege is om u wegwijs te
maken en te helpen bij het aanbrengen van structuur in de wet- en
regelgeving, literatuur en jurisprudentie. Dat is namelijk de leerstof
op basis waarvan u straks tijdens het tentamen moet kunnen laten zien
dat u de leerdoelen van het vak heeft gerealiseerd. Voor een zinvolle
deelname aan het hoorcollege is noodzakelijk dat u de leerstof vooraf
goed heeft bestudeerd. Op basis van uw voorbereiding worden tijdens het
hoorcollege hoofdlijnen getrokken en wordt geprobeerd u de samenhang te
laten zien tussen de verschillende onderdelen van het vak. Tevens wordt
aangegeven op welke belangrijkere aspecten van de leerstof u vooral
moet letten bij de voorbereiding van het tentamen.
NB: Anders dan u wellicht van een hoorcollege in haar klassieke vorm
verwacht, zult u al tijdens de colleges zelf aan de slag moeten gaan met
de stof. De docent stimuleert dit door gebruik te maken van activerende
werkvormen. Er wordt daarbij meer van u gevraagd dan enkel ‘luisteren’
en ‘aantekeningen maken’. Zo zullen er bijvoorbeeld tijdens de colleges
op verschillende momenten vragen worden gesteld om te toetsen of u de
stof, die tot aan dat moment aan de orde is gekomen, goed heeft
begrepen. Hierbij wordt ook van u verwacht dat u actief deelneemt aan de
discussie die mogelijk naar aanleiding van deze vragen ontstaat.
Het laatste deel van het hoor/werkcollege bestaat uit een werkcollege
dat circa 1 college-uur duurt en waarin u aan de hand van een
casusopdracht met een of meer bijbehorende vragen aan de slag gaat met
de leerstof zoals u die voorafgaande aan en tijdens het hoorcollege tot
u heeft genomen. U dient die casusopdracht voorafgaande aan uw deelname
aan het hoor/werkcollege voor te bereiden. Daarnaast zal elke week van
een aantal studenten worden gevraagd om het op de vraag of vragen
gevonden antwoord tijdens het college aan de overige studenten te
presenteren. Van een aantal andere studenten zal vervolgens worden
gevraagd om de presentatie van dat antwoord van feedback te voorzien.
Alle studenten zullen tijdens het eerste college ten behoeve van deze
werkvorm in groepen worden verdeeld. Iedere student zal (als lid van
zo’n groep) gedurende de collegereeks één keer medeverantwoordelijk zijn
voor het presenteren van een antwoord op de vragen behorende bij de
opgegeven casusopdracht en één keer medeverantwoordelijk zijn voor het
geven van feedback op de beantwoording daarvan door een andere groep. De
groepsindeling alsmede het rooster voor de presentaties en voor het
geven van feedback zal direct na het eerste college bekend worden
gemaakt. U kunt met het geven van deze presentaties en feedback geen
bonuspunten verdienen. Het voorbereiden van de presentaties en het geven
van feedback is bedoeld als middel om te oefenen met casusopdrachten die
model staan voor de vragen die u tijdens het tentamen kunt verwachten.

Toetsvorm

Geroosterd schriftelijk tentamen (open boek)

Literatuur

- M.J.J.M. Essers, Aanbestedingsrecht voor overheden, 5e volledig
herziene druk, Amsterdam: Reed Business Education 2017 (onder
voorbehoud).
- G.W.A. van de Meent en A. Stellingwerff Beintema (red.),
Aanbestedingsrecht,
Studenteneditie 2018-2020 (1e editie), Ars Aequi.

Doelgroep

Behalve voor reguliere studenten, staat het vak ook open voor:
bijvakstudenten en contractanten.

Vakken van een masteropleiding van de faculteit zijn alleen te volgen
als je beschikt over een diploma dat toegang geeft tot de betreffende
master/afstudeerrichting.

Algemene informatie

Vakcode R_Aanb.r
Studiepunten 6 EC
Periode P5
Vakniveau 500
Onderwijstaal Nederlands
Faculteit Faculteit der Rechtsgeleerdheid
Vakcoördinator mr. S. Prent
Examinator mr. S. Prent
Docenten prof. mr. C.E.C. Jansen
mr. S. Prent

Praktische informatie

Voor dit vak moet je zelf intekenen.

Werkvormen Hoorcollege
Doelgroepen

Dit vak is ook toegankelijk als: