Bestuursrecht

2019-2020

Doel vak

Het overkoepelende cursusdoel is dat studenten kennis hebben van en
inzicht hebben in de belangrijkste begrippen en concepten in het
bestuursrecht. De student kan de verworven kennis en inzichten toepassen
in casusposities en kan zich een oordeel vormen hoe een uitkomst in een
bepaalde casuspositie is. Tot slot is ons doel om de student te
enthousiasmeren voor het bestuursrecht!

Deze cursusdoelen vertalen zich in een aantal competenties die de
student na het volgen van het vak heeft verworven. Na het doorlopen van
het vak Bestuursrecht
- kunt u uitleggen welke drie functies het bestuursrecht heeft binnen
onze samenleving en kunt u aan de hand van deze drie functies een
oordeel geven over ontwikkelingen in het bestuursrecht;
- kunt u de belangrijkste begrippen en concepten van het bestuursrecht
beschrijven aan de hand van de criteria die hiervoor in de wet en de
rechtspraak worden genoemd. Dit geldt in ieder geval voor de volgende
begrippen en concepten: bestuursorgaan, belanghebbende, besluit,
normering van bestuurshandelingen, openbaarheid van bestuur,
bestuursrechtelijke rechtsbescherming bij bestuurshandelingen,
privaatrechtelijke rechtsbescherming bij bestuurshandelingen;
- kunt u het belang van deze begrippen en concepten uitleggen en kunt u
uitleggen hoe zij zich onderling tot elkaar verhouden;
- kunt u een casus analyseren door de bedoelde concepten en begrippen
toe te toepassen volgens de daarvoor geldende stappenschema’s;
- kunt u op basis van bestaande rechtspraak beargumenteren hoe de
uitkomst van deze casus zou moeten zijn;
- kunt u beoordelen hoe (nieuwe) rechtspraak of opvattingen in de
literatuur zich verhouden tot de bestuursrechtelijke kernbegrippen en
concepten;
- kunt u uitleggen op welke wijze het Europese recht het Nederlandse
bestuursrecht kan beïnvloeden en kunt u daarvan twee voorbeelden geven;
- kunt u een eenvoudig juridisch betoog schriftelijk presenteren
in correct en helder Nederlands.

Per week zijn bovenstaande leerdoelen geconcretiseerd.

Nummers eindtermen Bachelor RCH: 1-3, 5-15 en 18.

Inhoud vak

In het vak Bestuursrecht worden de volgende onderwerpen behandeld:
- aard van het bestuursrecht en de bestuursrechtelijke systematiek;
- de verhouding van het Nederlandse en het Europese bestuursrecht;
- de partijen in het bestuursrecht;
- de verschillende soorten bestuurshandelingen;
- het besluitbegrip en de verruimingen daarvan;
- bestuursrechtelijke en privaatrechtelijke rechtsbescherming tegen
bestuurshandelingen;
- de beginselen van behoorlijk bestuur;
- het beginsel van de evenredige belangenafweging, het
gelijkheidsbeginsel, het vertrouwensbeginsel, het materiële
rechtszekerheidsbeginsel en de mogelijke contra legemwerking van
beginselen;
- openbaarheid van bestuur;
- privaatrechtelijk bestuurshandelen van de overheid;
- handhaving, bestuurlijk toezicht, de beginselplicht tot handhaven en
de verschillende bestuurlijke sancties;
- bestuursprocesrecht, waaronder de omvang van het geding en ambtshalve
toetsing bij de bestuursrechter en de uitspraakbevoegdheden van de
rechter;
- een nader te bepalen onderwerp voor het schrijven van de paper.

Law in action
Juridische leerstukken worden uitgelegd aan de hand van een
maatschappelijk thema. De werkgroepvragen zijn voor een zeer groot deel
gebaseerd op de realiteit, echte casus. Zo beoordelen studenten de
website mijn.overheid.nl en de daarbij behorende regelgeving op de 3
functies van het bestuursrecht. Toetsen studenten - een vraag die ook
echt eerder ter advies is voorgelegd, aan prof. Zijlstra - of de
stichting Fonds voor de topsporter een bestuursorgaan is, en gaan zij
na welke gevolgen dat heeft. Bovendien worden elke week vragen ingeleid
met tv/youtube-fragmenten. Een enkele keer worden antwoorden
gecontroleerd aan de hand van de rechtspraak (ziet de rechter het ook
zo? waarom niet/wel?). Voorts schrijven alle studenten verplicht een
annotatie bij een bestuursrechtelijke uitspraak. Dit valt binnen de
vaardighedenlijn.

Onderwijsvorm

Hoorcolleges, werkgroepen en een paper.

Per collegeweek wordt eerst een hoorcollege gegeven waarin
de hoofdlijnen van de collegestof worden uiteengezet en met voorbeelden
worden toegelicht. Vervolgens worden in diezelfde week werkgroepen
gegeven waarin vragen worden behandeld die de student tevoren heeft
voorbereid.
Gedurende het vak schrijft iedere individuele student tevens een
eenvoudige paper.

Voor het succesvol volgen van het vak Bestuursrecht is
werkgroeponderwijs onmisbaar. Wel is er verschil in de wijze waarop het
werkgroeponderwijs wordt aangeboden. U kunt een keuze maken. U kunt
werkgroeponderwijs volgen bij een van de vijf werkgroepen met een
reguliere omvang in een gewone werkgroepzaal, waarin de onderwijsvorm
wordt toegepast zoals die bij werkgroepen gebruikelijk is. Er worden
vragen en casus besproken. De docent doet voor de beantwoording een
beroep op de actieve inbreng van alle deelnemers van de werkgroep. Zo
leert u ook van het uitwisselen van oplossingen en inzichten. U kunt in
plaats daarvan ook kiezen voor het volgen van een werkgroep waaraan
veel meer studenten deelnemen in een grotere (college) zaal. Daarin
wordt dezelfde stof behandeld en vraagt de docent om inbreng van
studenten. Ook is het voor het vruchtbaar volgen van dit
werkgroeponderwijs nodig om voorbereid te zijn. Er is gelegenheid tot
het stellen van vragen, maar vanwege de omvang van de groep vindt bij
deze werkgroepvorm echter in mindere mate een uitwisseling van
antwoorden op vragen en oplossingen van casus plaats tussen docent en
student en studenten onderling. U kunt voor deze vorm van
werkgroeponderwijs kiezen wanneer u het reguliere werkgroeponderwijs
niet nodig vindt om u de stof eigen te maken of wanneer u om andere
reden vooral uitleg van de docent wilt.

Toetsvorm

Geroosterd schriftelijk tentamen en een paper.
Een voldoende voor de paper is noodzakelijk om het vak af te ronden.

Vereiste voorkennis

Het vak Beginselen bestuursrecht.

Literatuur

- R.J.N. Schlössels en S.E. Zijlstra, Bestuursrecht in de sociale
rechtsstaat, Deventer: Kluwer (meest recente druk).

Doelgroep

Behalve voor reguliere studenten staat het vak ook open voor
bijvakstudenten en contractanten.

Algemene informatie

Vakcode R_BestRe
Studiepunten 6 EC
Periode P5
Vakniveau 300
Onderwijstaal Nederlands
Faculteit Faculteit der Rechtsgeleerdheid
Vakcoördinator mr. P.J. Huisman
Examinator mr. P.J. Huisman
Docenten mr. P.J. Huisman
prof. mr. S.E. Zijlstra
prof. dr. A.R. Neerhof

Praktische informatie

Voor dit vak moet je zelf intekenen.

Werkvormen Hoorcollege, Werkgroep
Doelgroepen

Dit vak is ook toegankelijk als: