Masterthesis Educatie in de Mens- en Maatschappijwetenschappen

2019-2020

Doel vak

De Masterthesis vormt de afsluiting van de opleiding, en is daarmee een
proeve van wetenschappelijke bekwaamheid in de Educatie in de Mens- en
Maatschappijwetenschappen. Het doel van de masterthesis is dat de
student laat zien in staat te zijn om zelfstandig – onder begeleiding
van een docent – een volledig wetenschappelijk onderzoek op te zetten
(deels) gericht op de integratie van vakkennis en (vak)didactiek en/of
onderwijskunde, deze uit te voeren en daarover schriftelijk en mondeling
verslag te kunnen doen.

Het gaat daarbij om het zelfstandig ontwikkelen van een vraagstelling en
een onderzoeksopzet, het uitvoeren van onderzoek, het analyseren van
gegevens, het integreren van de resultaten, het beschrijven van de
implicaties voor theorie en praktijk, het reflecteren op de rol van de
onderzoeker, het beschrijven van de beperkingen van het onderzoek en het
zelfstandig rapporteren over het onderzoek.

Inhoud vak

Studenten doen een onderzoek dat binnen de eigen discipline valt, en
laten zien deze discipline op masterniveau te beheersen. Tegelijk is het
streven dat het onderzoek een duidelijke verbinding heeft met de
onderwijspraktijk, en zo tegelijk een onderwijskundig praktijkonderzoek
is. De student wordt hiertoe begeleid door een vakinhoudelijke docent,
met als tweede beoordelaar de vakdidacticus. (Soms wordt in overleg en
afhankelijk van het onderwerp hiervan afgeweken.) Of het onderzoek
vakinhoudelijke these en praktijkonderzoek in één kan zijn wordt
beoordeeld door de begeleider en de vakdidacticus gedurende
bijeenkomsten in semester 1.

In semester 1 maakt de student een keuze voor een thesisonderwerp. Het
maken van deze keuze geschiedt in het kader van het studielint. Na de
keuze voor het thesisonderwerp, schrijft de student – in overleg met de
begeleiders – in januari een eerste aanzet tot onderzoeksopzet voor het
Masteronderzoek. In semester 2 (februari) wordt de onderzoeksopzet
afgerond. De onderzoeksopzet bevat een inleiding, theoretisch en
(vak)didactisch en/of onderwijskundig kader, methodesectie, een
planning, datamanagementplan en literatuurlijst.

Na het afronden van de thesisopzet gaat de student in de periode
februari – juni/juli aan de slag met het onderzoek: het verzamelen van
de gegevens, de analyse daarvan en de uiteindelijke verslaglegging in de
thesis. Dit wordt gevolgd door een eindpresentatie. Op basis van het in
de thesisopzet opgestelde tijdspad, levert de student tussentijdse
resultaten in ter bespreking met de thesisbegeleider en de
vakdidacticus.

Daarnaast zijn er gezamenlijke terugkombijeenkomsten gepland
(georganiseerd in het kader van het studielint).

Onderwijsvorm

Enkele hoor- en werkcolleges, zelfstandig (onder begeleiding) werken aan
thesis

Toetsvorm

Opdrachten voorbereidend op thesis, thesis, eindpresentatie

Doelgroep

Studenten Educatie in de Mens- en Maatschappijwetenschappen

Aanbevolen voorkennis

Didactiek 1, Didactiek 2, Onderzoek in en naar onderwijs 1

Algemene informatie

Vakcode S_MLOZOW3
Studiepunten 21 EC
Periode Ac. Jaar (sept)
Vakniveau 500
Onderwijstaal Nederlands
Faculteit Fac. der Gedrags- en Bewegingswetensch.
Vakcoördinator dr. G.G. van de Bunt
Examinator dr. G.G. van de Bunt
Docenten

Praktische informatie

Voor dit vak moet je zelf intekenen.

Werkvormen Werkgroep