Lijn academische groepspraktijk

2019-2020

Doel vak

I : a-g(4), i-l(4)
II : a-f(4)
III : a-f(4)
IV : a-e(4)
V : a-j(4)
VI : a(4), b(4), d-v(4)
VII : a (4)
Voor verklaring van de competenties zie OER, deel B2.

Inhoud vak

Binnen het onderwijs van de Lijn Academische groepspraktijk (LAG) ligt
het zwaartepunt op het zelfstandig leren werken, het communiceren met de
patiënt, het samenwerken met verschillende zorgverleners, het verrichten
van managementtaken en op het tonen van professioneel gedrag.

Het onderwijs in de LAG wordt aangeboden in de vorm van een
gecontroleerde algemene praktijk. Dit houdt in dat de 3e jaar Master
studenten in een team samenwerken met studenten van de opleiding
mondzorgkunde (OMZ), onder begeleiding van tandartsdocenten en OMZ
docenten. Dit team is gezamenlijk verantwoordelijk voor de zorg van een
groep patiënten. Iedere student bekwaamt zich in verschillende taken. In
de rol van teamleider is men verantwoordelijk voor de organisatie binnen
het team, de verdeling van de zorg-gerelateerde taken tussen de
zorgverleners en de kwaliteitsbewaking van de geleverde zorg. De student
leert op deze wijze samen te werken met anderen, verantwoordelijkheden
te nemen en te delen en leiding te geven. De student ontwikkelt zich zo
tot een tandheelkundige professional.
Op basis van de in voorgaande jaren opgedane kennis en vaardigheden
(competenties) verleent de student op een gestructureerde wijze zorg aan
patiënten met tandheelkundige problematiek van allerlei aard. Van de
student wordt verwacht dat verrichtingen uit verschillende vakgebieden
worden uitgevoerd. In een voor de individuele patiënt opgesteld zorgplan
staan de gewenste preventieve en curatieve activiteiten en deze bepalen
welke zorgverleners betrokken zijn bij de uitvoering van het plan. De
patiëntenzorg binnen de LAG omvat het verlenen van tandheelkundige zorg
aan het bestaande patiëntenbestand, inclusief de pijnklachtenopvang. Op
deze wijze bereidt de student zich voor op de zelfstandige
beroepsuitoefening.
In de LAG vindt ook het laatste reanimatie practicum van de opleiding
plaats, zodat de aankomend tandarts zijn professionele leven competent
in BLS- en AED- vaardigheden kan aanvangen. Het practicum is verplicht
en de competenties worden getoetst in de afsluitende OSCE.

Aan de hand van casuspresentaties en PICO-vragen bekwaamt de student
zich verder in het wetenschappelijk beargumenteerd klinisch handelen.
Daarbij komen ook facetten van professioneel handelen aan bod zoals
ethisch redeneren, communicatieve- en onderzoeks-vaardigheden, kritisch
reflecteren op eigen handelen en het nemen van maatschappelijke
verantwoordelijkheid.

Praktijkmanagement vormt een onderdeel van de LAG. Hierbij wordt
aandacht besteed aan het verder ontwikkelen van professioneel gedrag bij
de student. Onder andere beroepsethiek, personeelsmanagement (HRM),
kwaliteit van de zorg en maatschappelijk handelen komen aan de orde.

De Lijn LAG richt zich onder andere op:
• Het bereiken van de hierboven genoemde competentieniveaus.
• Het maken van zorg/behandelplannen (op het niveau DIB 3 en 4).
• Het zelfstandig verrichten van klinische handelingen op het op hem of
haar afgestemde competentieniveau.
• Het ontwikkelen van de competenties binnen de III en V van het
raamplan (m.n. samenwerken en managementtaken)

Basiseis is een effectief practicum waarbinnen de student het vereiste
aantal zorgpunten kan behalen. Zorgpunten gaan uit van de UPT-codes die
voor een aantal verrichtingen worden opgewaardeerd om recht te doen aan
de vereiste zorginspanning. Het practicum biedt ruimte voor tenminste 3
PMO’s en in geval van een onvolledig gevulde agenda kan de effectiviteit
door handelingen op fantoom en Simodont alsnog op niveau worden
afgesloten. LAG studenten krijgen de mogelijkheid geboden om te
assisteren bij de patiëntenzorg van BA3 studenten. In deze rol kunnen
LAG studenten verder werken aan het ontwikkelen van vaardigheden op het
gebied van domein III (o.a. samenwerken en leiding geven).

Endoregeling:
Een student, die nog niet voldoet aan de endo-eis, stroomt (onder
voorbehoud) door naar de LAG mits aan alle andere doorstroom-eisen
voldaan is.
1. De EBK docent van de betreffende student heeft aangegeven dat de
deficiëntie niet de schuld is van de student, d.w.z. hij of zij heeft er
alles aangedaan de deficiёntie te voorkomen.
2. De coördinator LAG of diens plaatsvervanger verleent goedkeuring. De
student vraagt deze goedkeuring individueel aan via lag@acta.nl. Deze
mail bevat onder andere de goedkeuring van de EBK docent, zie punt 2.
3. De student haalt binnen drie maanden in de LAG alsnog de endo-eis
(lees: 3 kanalen vullen of het pilot alternatief)
4. Ziekenhuisstage tijd telt niet mee in de drie maanden
Deze regeling geldt alleen bij aanvang van het semester, niet voor
M2-recidivisten die al in de LAG zitten.

Vanaf september 2019/2020 bieden we als pilot een alternatief aan om aan
de endo-eis te voldoen.
Endo-eis: ten minste drie kanalen endodontisch behandeld bij (een)
patiënt(en) beoordeeld op G of Z niveau.
Alternatieve eis (pilot): ten minste 1 volledig kanaal behandeld bij een
patiënt en 2 endodontische openingen uitgevoerd bij (een) patiënt(en),
en een preklinische endodontische behandeling bij een natuurlijk element
met minimaal drie kanalen, beoordeeld op G of Z niveau.
De pilot zal minimaal studiejaar 2019/2020 lopen. Na evaluatie zal er
beoordeeld worden of deze optie gehandhaafd zal blijven.
In het kader van patiëntenzorg is het niet toegestaan om een meerkanalig
element bij een patiënt te laten behandelen door meerdere studenten.

Onderwijsvorm

Practicum

Toetsvorm

De lijn wordt met een voldoende afgesloten als aan de volgende eisen is
voldaan:
• De student heeft tandheelkundige zorg verleend en zorg gerelateerde
taken verricht binnen de LAG gedurende alle ingeroosterde activiteiten
(t.w. 64 dagen, gebaseerd op 32 weken van 2 dagen of 16 weken van 4
dagen). Een 100% deelname is verplicht. Klinische tijd is 50% in de rol
van hoofdbehandelaar en 50% als assisterende. Afwezigheid (met welke
reden dan ook) dient ingehaald te worden in ingeroosterde
vakantiepractica.
• De verrichtingen op Simodont en fantoom binnen de tijd van de LAG
moeten worden geregistreerd.
• Om de efficiëntie van de klinische patiëntenbehandeling te verhogen,
kunnen timeslots worden ingevoerd voor de diverse verrichtingen, waarbij
rekening wordt gehouden met het vereiste competentieniveau van de
student.
• Voldoende verslaglegging gedaan hebben in het portfolio van: de
verleende zorg en de casuspresentaties.
• 2x 360° feedback met behulp van Korte Klinische Beoordelingen
• De student heeft tweemaal per jaar tijdens het voortgangsgesprek MA3
LAG met zijn/haar tandartsdocent zijn/haar persoonlijke professionele
ontwikkeling op de 7 competentiedomeinen van de tandarts algemeen
practicus besproken. De student heeft diens persoonlijke professionele
ontwikkeling aangetoond door middel van reflectie en zijn
studieresultaten, die in het portfolio zijn opgenomen.
• Het eindgesprek dient met een voldoende afgesloten te worden. Dit is
het geval wanneer de professionele ontwikkeling van de student naar het
oordeel van twee docenten als voldoende beoordeeld wordt op het niveau
van beginnend professional.
• De student heeft de eindpresentatie (voorheen EBK- eindpresentatie)
met goed gevolg afgerond.
• Het met een voldoende afgesloten hebben van de Objective Structured
Clinical Examination (OSCE)
• Het met een voldoende afgesloten hebben van de opdrachten van
Praktijkmanagement.
• Deelname aan het practicum Reanimatie.
• Aan het einde van de LAG moet de student 1200 zorgpunten behaald
hebben, exclusief de punten uit de MA1 en MA2 EBK. Hiervan mogen
maximaal 50 punten behaald zijn als Niet Patiënt Gebonden Klinische
Verrichting.

Indien een student een aaneengesloten periode van 6 maanden of meer niet
heeft deelgenomen aan een klinisch practicum c.q. de
patiëntenbehandeling als onderdeel van de masteropleiding tandheelkunde,
dan dient de student een proeve van bekwaamheid (de OSCE toets of een
alternatief programma), vast te stellen door de chef de clinique, af te
leggen. De proeve van bekwaamheid dient met voldoende resultaat te
worden afgelegd, alvorens de student weer toegelaten kan worden tot de
kliniek.

Vereiste voorkennis

Deelname aan de LAG-teams start in september en februari. Afronding (met
voldoende) van de eisen genoemd bij MA1 (gehele studiejaar) en MA2 EBK
(OWP, KV en KWS) vormen een voorwaarde voor toelating tot de MA3 LAG
(zie OER).Studenten die nog niet hebben voldaan aan de MA2 EBK OWP
eisen, maar wel aan alle andere ingangseisen voor de LAG en de
Cariologietoets hebben behaald (zie lijn EBK OWP, MA2) kunnen al wel
deelnemen aan de LAG teams als recidivist. De officiële LAG-termijn
start per 1e van de maand volgend op het tussentijds behalen van de MA2
EBK OWP eisen.

Literatuur

• BEAUCHAMP T, CHILDRESS J. Principles of Biomedical ethica. Oxford
University Press, 2008.
• DEKKER J. DEN. Mondzorg in sociaal perspectief. Tweede, herziene
uitgave. Houten: Bohn Stafleu Van Loghum, 2012.
• DIEBELS M, BLANKEMEIJER R. In- en uitstroom in 100 vragen. Kluwer,
2007.
• OZAR DT, SOKOL DJ. Dental ethics at chairside: professional
principles and practical applications. Georgetown University Press,
2002.
• Door de docenten uitgereikte teksten.
• De literatuur en leerstof behorende bij de onderwijsblokken van zowel
de bachelor- als de masteropleiding. Daarnaast zoekt de student zelf de
literatuur nodig voor het oplossen van de PICO-vragen.

Overige informatie

De zorgpunten zijn gebaseerd op de UPT- codes. UPT-punten voor
specifieke C en M-codes worden vermenigvuldigd. De verrichting C11
(periodiek mondonderzoek) krijgt 3x de UPT-punten. De verrichtingen C13
(incidenteel onderzoek), C22 (medisch anamnese), C28 (uitgebreid
onderzoek), en M02 (evaluatie consult MH) krijgen 2x de UPT-punten.
Voor niet-patiëntgebonden klinische verrichtingen wordt de helft van het
UPT-puntenaantal toegekend. Minimaal moeten er 1200 zorgpunten behaald
worden, waarvan maximaal 50 NPG.

Waarnemend Coördinator: mw. K. Kouwenberg
Chef de Clinique: dhr. B. Jansen

Algemene informatie

Vakcode T_M3ACGRPRAK
Studiepunten 20 EC
Periode Ac. Jaar (sept)
Vakniveau 600
Onderwijstaal Nederlands
Faculteit ACTA
Vakcoördinator C.S. Tjon
Examinator C.S. Tjon
Docenten dr. J. den Dekker

Praktische informatie

Voor dit vak moet je zelf intekenen.

Werkvormen Practicum