Minor Tweedetaalverwerving

2018-2019

Doel vak

Je kent de belangrijkste opvattingen, benaderingen en theorieën over
tweedetaalverwerving en kunt ze met elkaar vergelijken. Je kunt
onderwijstechnieken herkennen als uitwerking van een bepaalde theorie
over tweedetaalverwerving. Je kunt theorieën over taalleren,
taalverwerven en taalvaardigheid toepassen op de taalonderwijspraktijk,
waaronder het Nederlands als tweede taal en het Engels als vreemde taal.
Je hebt inzicht in veelgebruikte methodologieën van
tweedetaalverwervingsonderzoek. Je kunt een klein literatuuronderzoek
doen naar een onderwerp binnen de tweedetaalverwerving en de resultaten
rapporteren in een onderzoeksverslag of poster. In zijn algemeenheid ben
je in staat om met behulp van je kennis van principes van
tweedetaalverwerving je eigen verwerving van een tweede taal effectiever
en efficiënter te laten verlopen. Bij dit alles ben je in staat om een
kritisch oordeel over literatuur binnen tweedetaalverwerving te
beargumenteren, en je kunt je eigen mening verdedigen en beargumenteren
op basis van wetenschappelijke argumenten. Ook kun je zelfstandig kennis
opdoen uit theoretische teksten, bezit je studiediscipline gericht op
docentgestuurde opdrachten, en kun je kritisch omgaan met literatuur,
website-informatie, theorieën en opinies. Je bent in staat om samen te
werken in docentgestuurde groepsopdrachten, leidend tot een gezamenlijk
resultaat en je kunt een logische, samenhangende, goed geformuleerde
samenvatting schrijven van verworven kennis, waar nodig met gebruik van
noten en referenties.

Inhoud vak

Deze cursus benadert tweedetaalverwerving vanuit een aantal specifieke
vragen die een centrale rol spelen in het onderzoek naar
tweedetaalverwervingsprocessen. Kunnen volwassenen een tweede taal leren
op dezelfde manier als kinderen hun moedertaal leren? Welke rol spelen
aangeboren taalleervermogens en algemene leerprincipes in
tweedetaalverwerving? Welke rol spelen individuele verschillen tussen
taalleerders? Hoe beïnvloedt taalonderwijs het taalverwervingsproces?
Deze vragen zijn toegespitst op het onderwijs van het Nederlands als
tweede taal en het Engels als vreemde taal. Onderwerpen die aan bod
komen zijn:
• De verwerving van fonologie, woordenschat, morfologie en syntaxis;
• Linguïstische en psycholinguïstische benaderingen van
tweedetaalverwerving;
• Taalaanbod, taalproductie en interactie;
• Benaderingen van tweedetaalonderwijs;
• Leer- en taaltheoretische uitgangspunten van tweedetaalonderwijs;
• Tweetalige verwerving en vroeg tweedetaalonderwijs.

In deze cursus krijg je meer inzicht in je eigen verwerving van tweede
talen. Hierbij maak je kennis met de rol die jij en je docenten in het
taalverwervingsproces kunnen spelen, zoals het stimuleren van interactie
en het uitkiezen van gepaste leermiddelen. Je doet dat onder andere door
onderzoeken te bestuderen over taalonderwijsmethoden en door taaldata te
bekijken. Ook ontdek je mogelijkheden en beperkingen van
wetenschappelijk onderzoek naar tweedetaalverwerving en -onderwijs,
doordat je enkele oorspronkelijke onderzoeksartikelen leest,
onderzoeksresultaten vergelijkt en een kritisch oordeel vormt over de
getrokken conclusies. De cursus richt zich ook op internationalisering,
in de zin dat deze zich specifiek richt op het onderwijs Nederlands als
tweede taal en onder andere het Engels als vreemde taal. Hierbij is er
aandacht voor verschillen tussen talen (bijvoorbeeld Nederlands als
doeltaal in vergelijking met de moedertaal van de cursisten) en voor
verschillen tussen leerders wat betreft onder andere leerstijlen en
typen motivatie.

Onderwijsvorm

2 uur hoorcollege, 2 uur werkcollege en 2 uur practicum per week. Er
geldt een verplichte aanwezigheid. Als minder dan 80% van de
bijeenkomsten is bijgewoond, moet een vervangende opdracht worden gedaan
die gerelateerd is aan de gemiste colleges.

Toetsvorm

Tentamen op basis van open vragen en meerkeuzevragen, waarin zowel
kennis als toepassing en inzicht worden bevraagd. Practicumopdrachten en
posterpresentatie waarin je artikelen over
tweedetaalverwervingsonderzoek bestudeert, de resultaten relateert aan
andere literatuur en je bevindingen presenteert. Opdrachten waarin je
resultaten van artikelen over onderzoek samenvat, met elkaar vergelijkt
en/of een advies aan professionals schrijft. Het eindcijfer wordt voor
85% bepaald door het tentamen en voor 15% door de practicumopdrachten en
posterpresentatie. Het voldoende uitwerken van de opdrachten is
voorwaarde voor deelname aan het tentamen.

Vereiste voorkennis

Je moet Inleiding Taalwetenschap (L_ATBACIW107) gehaald hebben of enkele
door de docent aangewezen hoofdstukken uit het boek Language Files
hebben bestudeerd.

Literatuur

Loewen, S. (2015). Introduction to Instructed Second Language
Acquisition. New York: Routledge. Aanvullende literatuur wordt via
Canvas bekendgemaakt.

Doelgroep

Studenten van de minor Vreemde Talen Leren en van de schoolvakminor
Nederlandse taalkunde / taalbeheersing.

Algemene informatie

Vakcode L_WAMIALG004
Studiepunten 6 EC
Periode P2
Vakniveau 200
Onderwijstaal Nederlands
Faculteit Faculteit der Geesteswetenschappen
Vakcoördinator drs. M. Bril
Examinator drs. M. Bril
Docenten drs. E. Akkerman
drs. M. Bril

Praktische informatie

Voor dit vak moet je zelf intekenen.

Voor dit vak kun je last-minute intekenen.

Werkvormen Werkcollege, Hoorcollege
Doelgroepen

Dit vak is ook toegankelijk als: