Literatuur als wapen 1150-1720

2019-2020

Doel vak

In deze module verkrijgen de studenten kennis van een representatief
corpus teksten uit de Nederlandse literatuur van de Middeleeuwen tot de
vroege 18de eeuw, van de kenmerken van de literatuur uit deze periode,
de hoofdlijnen van de (cultuur)historische verbanden waarin de teksten
geplaatst en begrepen moeten worden (kennis en inzicht). Verder
verdiepen zij zich in de hoofdlijnen van het literair-historische
onderzoek uit deze periode en de veranderingen die zich daarbij hebben
voorgedaan: met deze kennis kunnen zij studies beoordelen op hun merites
(oordeelsvorming). Verder doen zij een individueel onderzoek naar een
specifieke tekst en krijgen zo inzicht in de rol en maatschappelijke
betekenis van literatuur in deze periode (toepassing kennis en inzicht).
Daarbij maken zij kennis met het zoekapparaat; verwerven basale kennis
van middeleeuwse en zeventiende-eeuwse taal en doen zij schriftelijk en
mondeling verslag van hun eigen onderzoek (communicatie en
leervaardigheden).

Inhoud vak

Dit is het eerste van een drietal colleges waarin de Nederlandstalige
literatuur systematisch en chronologisch wordt behandeld. De reeds in
het eerste jaar opgedane brede kennis wordt zo verdiept en toegespitst.
In dit eerste college, dat de periode 1150-1720 bestrijkt, worden de
Middeleeuwen, rederijkerstijd, renaissance en het classicisme behandeld
aan de hand van een syllabus en een keuze aan teksten. Uit de
Middeleeuwen komen onder meer de heldenepiek, (on)hoofse en religieuze
lyriek en het genre van de Arthurroman aan bod. De rederijkerij is een
cultureel wapen in de handen van met name de stedelijke burgerij. Vanaf
1550 begint de renaissance, auteurs gaan zich richten naar (meestal aan
de oudheid ontleende) voorschriften, voorbeelden en theorieën.
Tegelijkertijd vinden er belangrijke ontwikkelingen plaats in de
politieke en religieuze situatie in de Nederlanden, die leiden tot de
vorming van de Republiek. In de zeventiende eeuw, de Gouden Eeuw, groeit
ons land uit tot een wereldmacht. Bij de behandeling van de teksten ligt
de nadruk, behalve op de literaire ontwikkelingen, ook steeds op de
maatschappelijke rol die teksten in de samenleving hebben vervuld, van
statusverhoging tot politiek wapen, en van vermaak tot emancipatoire
kracht. In het practicum doet elke student een individueel onderzoek
naar één gedicht, door de bronnen en herkomst te onderzoeken, door de
tekst te analyseren en becommentariëren met behulp van het bestaande
onderzoeksapparaat, en door de tekst te voorzien van literair-historisch
en/of cultuurhistorisch commentaar.

Onderwijsvorm

Hoor- en werkcolleges, practicum, totaal 6 uur per week:
- 2 uur hoorcollege: kaders (aansluiting bij bestaande kennis), grote
lijnen;
- 2 uur werkcollege met teksten op tafel (aansluiting bij analyse),
leesvaardigheid;
- 2 uur practicum, begeleid een werkstuk maken als onderzoekstraining en
als oefening van de academische vaardigheden (bronnengebruik,
vraagstelling, onderzoek doen, wetenschappelijk schrijven, presenteren).

Toetsvorm

Individueel werkstuk (getrapte analyse, bespreking en contextualisering
van een gedicht, plus een mondelinge presentatie) (40%); schriftelijk
tentamen (60%). Beide onderdelen moeten voldoende zijn om het vak te
kunnen afronden.

Literatuur

Syllabus overzichten, tekstfragmenten en opgaven. Daarnaast een
leeslijst met teksten, die bekend zal worden gemaakt via de
studiehandleiding (Canvas). Het leerboek voor de oudere fasen van het
Nederlands is: M.A. Mooijaart en M.J. van der Wal, Nederlands van
Middeleeuwen tot Gouden Eeuw (Nijmegen, 2008).

Doelgroep

2e jaars bachelor Literatuur en samenleving: Nederlands.

Overige informatie

Deze module is een verplicht vak in het tweede studiejaar van de studie
Literatuur en samenleving: Nederlands. De student mag - mits vooraf
gemeld en met een geldige reden - twee colleges missen. Bij drie gemiste
colleges is er een extra opdracht, bij vier gemiste colleges is het vak
niet gehaald.

Aanbevolen voorkennis

De eerstejaarscursus Nederlandse literatuur in perspectief: van epos tot
essay. Als deze cursus niet is gevolgd, wordt aanbevolen de stof van die
cursus zelfstandig te bestuderen.

Algemene informatie

Vakcode L_NABALES202
Studiepunten 6 EC
Periode P1
Vakniveau 200
Onderwijstaal Nederlands
Faculteit Faculteit der Geesteswetenschappen
Vakcoördinator prof. dr. J.M. Koppenol
Examinator prof. dr. J.M. Koppenol
Docenten prof. dr. J.M. Koppenol
dr. J.F. van der Meulen

Praktische informatie

Voor dit vak moet je zelf intekenen.

Voor dit vak kun je last-minute intekenen.

Werkvormen Werkcollege, Hoorcollege, Practicum
Doelgroepen

Dit vak is ook toegankelijk als: