Management van maatschappelijke organisaties

2019-2020

Doel vak

Kennis: studenten maken kennis met thema’s op het gebied van het
besturen van maatschappelijke organisaties door het materiaal over de
verschillende cases te bestuderen en daar vragen over voor te bereiden
voor de gastsprekers, waarbij ook de verhouding tussen maatschappelijke
organisaties en de overheid aan bod komt; Vaardigheden: studenten passen
in de opdrachten theorieën over het gedrag van maatschappelijke
organisaties en burgers toe op de cases, leren vanuit deze theorieën te
beredeneren welke gevolgen de verschillende keuzemogelijkheden kunnen
hebben, en confronteren deze gevolgen met de waarden van organisaties;
studenten leren door groepsopdrachten samen te werken,
verantwoordelijkheid te nemen en afspraken te maken met elkaar en de
gastsprekers. Houding: studenten leren in de opdrachten en hun
eindwerkstuk theorieën over en analyses van maatschappelijke
organisaties kritisch te benaderen; en kennis uit verschillende
wetenschappen te combineren in de analyse van dilemma’s.

Inhoud vak

In dit vak bespreken we strategische keuzes waarmee maatschappelijke
organisaties vandaag de dag te maken krijgen op het terrein van het
draagvlak, de financiering, en sturing van maatschappelijke
initiatieven. Maatschappelijke organisaties hebben veelal hun oorsprong
in particulier initiatief. Met de uitbouw van de verzorgingsstaat kreeg
dit particulier initiatief te maken met verheidsfinanciering. Toen de
overheid dit niet volledig meer tot haar financiële verantwoordelijkheid
kon nemen, werd de ‘marktwerking’ in de non-profit sector
geïntroduceerd. Sinds enkele decennia is echter het particulier
initiatief terug, naast overheidsfinanciering en markt.

De koepel van Europese universiteiten spreekt in dit verband van
‘diversification of income streams’: naast overheidsfinanciering en
marktinkomsten (‘valorisatie’) moeten wetenschappelijke instituten
zoals universiteiten werk maken van fondsenwerving en alumnibeleid.
Culturele instellingen richten in rap tempo vriendenstichtingen op.
Deze ontwikkeling valt onder het kopje ‘maatschappelijke
draagvlakverbreding’. Recent zijn door decentralisaties
verantwoordelijkheden verschoven van de landelijke overheid naar de
gemeenten. Dit brengt maatschappelijke organisaties in een nieuwe
relatie met de (lokale) overheid. Deze veranderingen creëren nieuwe
organisatievragen en dilemma’s voor maatschappelijke organisaties.

We bespreken deze aan de hand van specifieke voorbeelden van
maatschappelijke organisaties (‘cases’). De missie van een organisatie
kan door veranderende omstandigheden aanleiding geven tot bezinning op
de strategie. Op welke fundamentele waarden vallen maatschappelijke
organisaties terug wanneer zij zich voor dergelijke dilemma’s geplaatst
zien? In elke case bespreken we daarnaast theorieën die het gedrag van
de betrokken actoren kunnen verklaren en aan de hand van deze theorieën
de opties die maatschappelijke organisaties hebben. Tot welke bedoelde
en onbedoelde gevolgen kunnen verschillende keuzes leiden? Wat zijn de
te verwachte kosten en opbrengsten op de korte en lange termijn? Hoe
verandert het gedrag van de betrokken actoren? En hoe dragen deze
veranderingen bij aan de missie van de organisatie? Doordat studenten
zich in de positie van de organisatie verplaatsen worden zij zich bewust
van de morele en maatschappelijke verantwoordelijkheid van professionals
in de praktijk. Tenslotte verbindt het vak theorie met de praktijk:
beleidsmakers uit de betrokken organisaties komen naar de VU voor de
bespreking van levende cases.

Onderwijsvorm

Hoorcolleges, gastcolleges, werkgroepen.

Toetsvorm

Een paper sluit het vak af.

Literatuur

Bij elke case zijn twee soorten literatuur:
1. Stukken die de concrete aanleiding beschrijven: een opiniestuk,
een stuk uit de krant, tijdschrift, blog of website. Bijvoorbeeld
Schuyt, Th. (2018). ‘Is er een weg uit de universitaire misère?’ In:
Science Guide.
https://www.scienceguide.nl/2018/02/is-er-weg-universitaire-misere/
2. Wetenschappelijke stukken waarin de achtergronden van het dilemma aan
bod komen.

Daarnaast is er algemene literatuur.
• Bekkers, R. & Wiepking, P. (2016). Eight Mechanisms That Drive
Charitable Giving. Forthcoming in: Moody, M. & Breeze, B. (Eds.). The
Routledge Philanthropy Reader. Abingdon: Routledge.
https://renebekkers.files.wordpress.com/2016/02/bekkers_wiepking_16.pdf
• Froelich, K.A. (1999). Diversification of Revenue Strategies: Evolving
Resource Dependence in Nonprofit Organizations. Nonprofit and Voluntary
Sector Quarterly, 28(3): 246-268.
http://journals.sagepub.com/doi/abs/10.1177/0899764099283002
• Maier, F., Meyer, M. & Steinbereithner, M. (2016). Nonprofit
Organizations Becoming Business-Like: A Systematic Review. Nonprofit and
Voluntary Sector Quarterly, 45(1) 64–86.
http://nvs.sagepub.com/content/45/1/64.abstract
• Malatesta, D., & Smith, C.R. (2013). Lessons from Resource Dependence
Theory for Contemporary Public and Nonprofit Management. Public
Administration Review, 74 (1): 14–25.
http://onlinelibrary.wiley.com/doi/10.1111/puar.12181/epdf
• Moore, M.H. (2000). Managing for Value: Organizational Strategy in
For-Profit, Nonprofit, and Governmental Organizations. Nonprofit and
Voluntary Sector Quarterly, 29 (1): 183-204.
http://journals.sagepub.com/doi/abs/10.1177/0899764000291S009
• Osborne, S.P., Chew, C. & McLaughlin, K. (2008) The once and future
pioneers? The innovative capacity of voluntary organisations and the
provision of public services: A longitudinal approach, Public Management
Review, 10:1, 51-70. http://dx.doi.org/10.1080/14719030701763187
• Reich, R. (2011). Toward a Political Theory of Philanthropy. In:
Illingworth, P., Pogge, T. & Wenar, L. (Eds.). Giving Well: The Ethics
of Philanthropy.

http://www.oxfordscholarship.com/view/10.1093/acprof:oso/9780199739073.0
• RMO (2009). Stem geven aan verankering: over de legitimiteit van
maatschappelijke dienstverlening. Den Haag: RMO.

http://www.adviesorgaan-rmo.nl/Publicaties/Onderzoeken/Stem_geven_aan_ve
• Sandfort, J. (2008). Using Lessons From Public Affairs to Inform
Strategic Philanthropy. Nonprofit and Voluntary Sector Quarterly, 37
(3): 537-552. http://nvs.sagepub.com/content/37/3/537.short
• Schuyt, Th. (2012). Filantropie in Europese verzorgingsstaten.
Openbaar Bestuur, 22, (5): 2-10.

Doelgroep

Masterstudenten Bestuurskunde, afstudeerrichting BMO.
Toegang van andere studenten in overleg met de docent.

Algemene informatie

Vakcode S_MMO
Studiepunten 6 EC
Periode P4
Vakniveau 500
Onderwijstaal Nederlands
Faculteit Faculteit der Sociale Wetenschappen
Vakcoördinator prof. dr. R.H.F.P. Bekkers
Examinator prof. dr. J. Hoogland
Docenten prof. dr. T.N.M. Schuyt
prof. dr. R.H.F.P. Bekkers
prof. dr. J. Hoogland
prof. dr. G.J. Buijs

Praktische informatie

Voor dit vak moet je zelf intekenen.

Werkvormen Hoorcollege
Doelgroepen

Dit vak is ook toegankelijk als: